TP Vision toont op IFA het complete premium aanbod van Philips Ambilight-televisies voor 2026, verdeeld over zes series. Bovenaan staat de OLED+951 in 65 en 77 inch, met de tiende generatie van de in Gent ontwikkelde P5-beeldchip, een META 4.0-paneel, VRR tot 165 Hz, Dolby Vision 2 Max en een opgegeven piek tot 4.500 nits. De OLED+911 heeft een 3.1-geluidssysteem van 81 watt van Bowers & Wilkins, de OLED811 en OLED851 mikken op het middensegment en de OLED761 brengt OLED met Ambilight naar een lager prijspunt. Nieuw is de MLED981 van 85 inch, de eerste Philips met RGB Mini-LED-achtergrondverlichting, met 11.520 zones en 2.500 nits. De QLED-serie PQS9001 loopt van 43 tot 100 inch en levert daarmee de grootste Ambilight-televisie ooit. Alle zes series hebben AmbiScape, dat de Ambilight-kleuren naar maximaal vier slimme lampen in de kamer doortrekt.
De grootste verandering staat er bijna niet in
Er is dit jaar iets aan Philips-televisies veranderd dat je dagelijks merkt, en het persbericht noemt het één keer terloops. De hele 2026-lijn stapt over van Google TV naar Titan OS.
Dat is een besturingssysteem op basis van Linux waarin apps als webpagina’s draaien in plaats van als geïnstalleerde programma’s. Wat je daarmee kwijtraakt: Google Cast, het downloaden van apps uit een winkel, en op dit moment onder meer Apple TV en Spotify. AirPlay blijft wel werken. De reden ligt aan de kant van de fabrikant: lagere systeemeisen, meer zeggenschap over het ontwerp en een gunstiger verdeling van advertentie-inkomsten. Voor wie zijn telefoon gewend is naar de tv te casten, is dit de belangrijkste vraag van deze hele line-up, en hij staat niet in de aankondiging.
AmbiScape werkt via wifi, met vier lampen
De functie waarmee Philips zijn Ambilight de kamer in trekt, heeft grenzen die het vermelden waard zijn. AmbiScape koppelt maximaal vier lampen, uitsluitend E27-fittingen, via Matter over wifi.

Vier lampen is genoeg voor een sfeerbeeld en te weinig voor een omhullend effect, en dat E27 het enige ondersteunde type is sluit lichtslangen en inbouwspots uit; juist het soort verlichting dat mensen achter hun tv hangen. Philips onderzoekt of dat maximum omhoog kan. Ondersteuning voor Matter over Thread staat gepland voor de eerste helft van 2027, eerst op de modellen van 2027 en daarna op “compatibele modellen uit 2026”. Wie vandaag een toestel koopt om die reden, koopt dus een voorwaardelijke belofte.
Philips TV en Philips Hue zijn niet hetzelfde bedrijf
Dat het voor de hand ligt om Philips Hue-lampen aan een Philips-televisie te hangen, klopt, maar de merknaam verhult hoe het in elkaar zit. TP Vision is sinds januari 2014 volledig eigendom van het Taiwanese TPV Technology en voert de naam Philips onder licentie.
De verlichting valt onder Signify, het voormalige Philips Lighting, dat sinds 2016 zelfstandig is en de naam eveneens onder licentie voert. Koninklijke Philips maakt geen van beide. Dat heeft een praktisch gevolg: Hue heeft voor beeldsynchronisatie een eigen snelle route via de Hue Bridge, en die route gebruikt AmbiScape niet. Jouw Hue-lampen worden hier dus als gewone Matter-lampen aangestuurd, net als die van elk ander merk. Philips op de tv en Philips op de lamp levert dus geen diepere koppeling dan Philips op de tv en een willekeurig ander merk op de lamp.
RGB Mini-LED: waar Philips heen gaat en TCL niet
De MLED981 is het technisch interessantste toestel in deze reeks, en om een reden die uitleg verdient. Bij gewone Mini-LED is de achtergrondverlichting blauw, waarna een laag met quantum dots daar wit van maakt.

Bij RGB Mini-LED zijn de ledjes zelf rood, groen en blauw. Het licht dat het paneel bereikt heeft dus al de juiste kleur, waardoor het kleurfilter minder hoeft weg te filteren en er meer licht overblijft. Philips geeft 11.520 zones op, wat neerkomt op ongeveer 720 beeldpunten per zone: een blokje van zevenentwintig bij zevenentwintig pixels. Opvallend is dat TCL dit jaar juist besloot RGB-LED niet als vlaggenschiptechniek te voeren. Twee grote merken zetten hier dus tegengesteld in. Wij schreven eerder over wat het Mini LED-label je niet vertelt.
Bij 4.500 nits en 97% BT.2020 hoort dezelfde nuance
Er staan twee getallen in dit persbericht die om dezelfde kanttekening vragen als bij elke andere fabrikant. Piekhelderheid wordt gemeten op een klein wit vlak, niet op een vol scherm.
Die 4.500 nits van de OLED+951 zul je bij een lichte scène die het hele beeld vult dus niet terugzien; OLED-panelen regelen hun vermogen actief terug naar een fractie daarvan zodra er veel beeld oplicht. Voor de MLED981 geeft Philips 97% van het BT.2020-kleurbereik op, terwijl de beste panelen in onafhankelijke metingen rond de 88 tot 90% uitkomen. Dat betekent niet dat het cijfer verzonnen is, maar wel dat opgaves van fabrikanten en gemeten waarden bij deze twee specificaties structureel uiteenlopen. De antireflectielaag op de OLED+951 is voor een Nederlandse woonkamer met grote ramen waarschijnlijk waardevoller dan welk nitsgetal ook.
Honderd inch is 221 bij 124 centimeter
De grootste Ambilight ooit is een mooi verkoopargument, en het is nuttig om te weten wat dat in de praktijk is. Het beeldvlak meet 221,4 bij 124,5 centimeter, met een diagonaal van precies 2,54 meter.
Dat levert twee praktische vragen op. De eerste is hoe je hem binnenkrijgt: een Nederlandse binnendeur is doorgaans zo’n 83 centimeter breed en de doos is groter dan het toestel, dus een trappenhuis met een bocht is het echte obstakel. De tweede is kijkafstand. Voor een 4K-beeld van deze breedte zit je goed op ongeveer 2,7 tot 3,5 meter; dichterbij zie je de pixelstructuur, verder weg gooi je de resolutie weg. De meeste Nederlandse woonkamers zitten daar precies in, dus dat is minder bezwaarlijk dan het klinkt. De 85 en 100 inch komen vanaf oktober.
Wat die prijzen waard zijn
Philips noemt drie onderscheidingen, en die zijn niet allemaal hetzelfde. De 65OLED+951 en de 55OLED811 wonnen een EISA Award.
EISA is een samenwerkingsverband van Europese vakbladen waarvan de redacties per categorie stemmen; het is een waardering door journalisten en geen meetuitslag. De Red Dot Product Design Award voor de OLED+911 is een designprijs waarvoor fabrikanten zelf inzenden en inschrijfgeld betalen. Beide zeggen iets, maar iets anders dan een meting. Wat er wel uit blijkt, is dat vakredacties de beeldkwaliteit van deze serie hoog aanslaan, en dat is bij een aankoop van dit bedrag een bruikbaar signaal.
Het persbericht is niet consistent
Voor wie op basis hiervan wil bestellen, is het goed te weten dat de aankondiging zichzelf op punten tegenspreekt. Over AmbiScape staat op de ene plek dat het beschikbaar is vanaf de 8000-serie en op de andere dat het loopt vanaf een 32-inch model uit de 6901-serie.

Bij de OLED761 staat in de lopende tekst dat het 77-inch model in oktober komt en in het beschikbaarheidsoverzicht dat het in september komt. Datzelfde model wordt in één zin OLED760 genoemd. En de EISA-winnaar wordt aangeduid als de 55OLED811 en 55OLED861, terwijl de bijbehorende variant in de tekst OLED851 heet. Dat zijn schrijffouten en geen misleiding, maar controleer bij een bestelling dus het exacte typenummer en de leverdatum bij de winkel in plaats van in de folder.
Waar je op let bij het kiezen
Vier dingen bepalen welke van deze zes series bij je past. Het eerste is het besturingssysteem: alle 2026-modellen draaien Titan OS, dus controleer of de diensten die jij gebruikt erop staan en of je zonder casten kunt.

Het tweede is hoeveel zijden Ambilight je krijgt: de OLED+951 en OLED+911 hebben het aan vier zijden, de rest aan drie. Het derde is gaming: 165 Hz met VRR, vier HDMI 2.1-poorten en een opgegeven vertraging van 8 milliseconde gelden voor de OLED-series; de PQS9001 en de OLED761 zitten op een oudere beeldchip en lichtere gamingondersteuning. En het vierde is geluid: de OLED+911 met zijn Bowers & Wilkins-systeem is de enige waarbij je een losse soundbar serieus kunt overslaan.
Philips TV kopen
Vergelijk de actuele prijs bij onze partners:
Dit zijn affiliatelinks. Koop je iets via zo'n link, dan ontvangt GadgetGear een kleine vergoeding. Jij betaalt niets extra.


