Matt Pino, een bouwer uit Chicago, heeft Mega Man nagebouwd uit 1.143 echte LEGO-steentjes. Het beeld is 296 millimeter hoog, 179 breed en 227 diep, weegt 829 gram en geldt als een bouwwerk voor gevorderden. Via de webwinkel Bricker Builds koop je alleen de handleiding of het complete pakket met gesorteerde nieuwe steentjes in genummerde zakjes voor 270,95 euro. Alleen heet hij daar geen Mega Man. Hij heet Megabyte Man.
Het hele assortiment praat in omschrijvingen
Loop je de rest van de catalogus door, dan zie je hetzelfde patroon overal terug. De gebroeders Mario heten er 8-Bit Italiaanse Bros. De klauwen van Wolverine staan te koop als Levensgrote Replica Van Adamantium-Klauw. Aang uit Avatar is een Luchtbuiger geworden en zijn vliegende lemur heet Lucht Lemur.
Niemand die zo’n pagina opent, twijfelt ook maar een seconde over wie hij ziet. Toch staat er in geen enkele producttitel een merknaam, en dat is geen slordigheid maar een bewuste keuze.
Wat die omschrijvingen wél doen
De reden is praktischer dan juridisch. Namen als Mega Man en Super Mario zijn merken van Capcom en Nintendo, en juist merknamen zijn geautomatiseerd op te sporen. Rechthebbenden en verkoopplatforms laten software over productlijsten lopen die op die woorden zoekt, waarna er in bulk verwijderingsverzoeken uitgaan.
Staat je merknaam er niet in, dan mist die sweep je. Dat is de kern: het levert rust op, en rust is voor een eenmansbedrijf uit Chicago belangrijker dan het winnen van een principekwestie.
En waar ze niets tegen helpen
Tegelijk moet je die truc niet overschatten, want hij dekt maar één van twee rechten af. Een naam valt onder het merkenrecht. De vórm van een figuur valt onder het auteursrecht, en dat is een heel ander verhaal.
Een driedimensionale uitvoering van een tweedimensionaal ontwerp geldt gewoon als een verveelvoudiging. Wie een beschermd personage in steentjes nabouwt, ontkomt daar niet aan door het beestje anders te noemen. De omschrijving koopt dus stilte, geen vrijwaring.
Al ligt dat bij deze figuren genuanceerder
Bij uitgerekend dit soort personages is die vraag minder eenduidig dan hij klinkt, en dat maakt het interessant. De oorspronkelijke Mega Man op de NES was een sprite van een paar dozijn pixels in een handvol kleuren, want meer kon die machine niet aan.
Hoe eenvoudiger een ontwerp, hoe dunner de bescherming erop. Een blokkerige weergave van iets wat zelf al blokkerig was, zit daarmee in een grijzer gebied dan een nauwkeurige kopie van een uitgewerkte tekening. Dat is geen vrijbrief, maar het verklaart wel waarom juist retro-personages zo vaak opduiken bij dit soort bouwers.
De steentjes zelf zijn keurig in orde
Op één punt is er helemaal geen discussie, en dat verdient vermelding. Bricker Builds gebruikt echte, nieuwe LEGO-elementen die uit officiële sets komen en daarna worden gesorteerd en doorverkocht.
Dat mag gewoon. Zodra een rechthebbende zijn waar in de Europese Economische Ruimte op de markt heeft gebracht, kan hij de doorverkoop ervan niet meer tegenhouden. Ook het noemen van de naam LEGO om te zeggen wat er in de doos zit, is toegestaan zolang het eerlijk gebeurt. Precies daarom staat er op de site nadrukkelijk dat dit geen officieel LEGO-product is en dat het bedrijf geen band heeft met de LEGO Group of met de rechthebbenden van de figuren.
Alleen de handleiding kan ook, en dat is hier slim
Voor Nederlandse en Belgische kopers is de goedkoopste route waarschijnlijk de digitale. Je koopt dan alleen een pdf met bouwstappen plus een onderdelenlijst die je zo in BrickLink laadt, en zoekt de steentjes zelf bij elkaar.
Bricker Builds noemt daar zelf de reden voor: buiten Noord-Amerika betaal je anders invoerrechten en flinke verzendkosten. Bijkomend voordeel is dat je eigen voorraad meetelt, en dat modellen die uit de verkoop gaan als handleiding gewoon blijven bestaan.
Reken die prijs even om per steentje
Het complete pakket kost 270,95 euro voor 1.143 steentjes, en dat komt neer op ongeveer 24 cent per stuk. Bij gewone LEGO-sets ligt de vuistregel rond de tien tot dertien cent.
Je betaalt hier dus grofweg het dubbele, en dat is geen woekerprijs maar simpelweg wat losse onderdelen kosten. Iemand moet die steentjes stuk voor stuk inkopen, sorteren en verpakken, en daarbovenop zit het ontwerpwerk. Wie het goedkoper wil, is aangewezen op de handleiding en zijn eigen geduld.
Voor de loodgieter bestaat er wél een officiële route
Wat dit verhaal aardig maakt, is dat LEGO voor een deel van deze figuren gewoon een licentie heeft. Er zijn Super Mario-sets sinds 2020 en vorig jaar kwam er nog een Nintendo Game Boy in steentjes bij.
Voor Mega Man bestaat die route niet. En daar zit precies de markt van een bouwer als deze: de personages waar geen enkele licentiehouder een set van maakt. Voor de fan die zoiets al twintig jaar op zijn verlanglijst heeft staan, is dit het enige adres.
Hoe de industrie hier meestal mee omgaat
Dat het jarenlang goed kan gaan, betekent niet dat het risicoloos is. Nintendo treedt notoir snel op tegen fanprojecten, zoals we onlangs nog zagen bij een fanremake van Pokémon Emerald.
Tegelijk is een beeld van gekochte steentjes iets anders dan een spel dat je gratis kunt downloaden. Het eerste kost een rechthebbende geen omzet en vervangt geen product; het tweede wel. In de praktijk krijgen makers die klein blijven en de merknamen vermijden daarom vaak jaren de ruimte, en dat lijkt hier ook te gebeuren.
En anders kijk je gewoon even
Of je nu 270 euro overhebt voor een robot van 30 centimeter of niet, het blijft leuk om te zien wat er met een doos steentjes mogelijk is. Dat een beeld van bijna 1.200 onderdelen op je kast staat zonder dat er ooit een licentie aan te pas kwam, is op zichzelf al een aardig verhaal.
Ga je er zelf mee aan de slag, houd dan rekening met wat er altijd gebeurt bij zo’n bouw. Waarom je aan het eind toch een handjevol steentjes overhoudt, legden we eerder deze maand uit.


